| Woord: | Uitleg: |
Afwachtingsruimte | Ruimte in de bunker waar de militairen sliepen en verbleven als ze niet aan het werk waren. |
| Bataljon | Een zelfstandig opererende legereenheid bestaande uit 400 tot 2000 militairen, afhankelijk van de functie waarvoor ze ingezet worden. |
Baupunkt | Bouwpunt. |
Befehlstand | Commandobunker. |
Blinkfeurbunker | Bunker, gebouwd in de omgeving van (schijn)vliegvelden. Op de bunkers stond een lichtbaken om lichtsignalen aan de Duitse jagers te geven, of in het geval van een schijnvliegveld, de vijand te misleiden. |
| Bunkernummer | Alle standige bunkers en ook veel lichter uitgevoerde bunkers waren voorzien van een bunkernummer. Het nummer bestond vaak uit een combinatie van het Baupunktnummer met een aanvulling en had als functie het herkennen en gemakkelijk documenteren van een bunker. |
Dreischartenturm | Pantserstalen geschutskoepel met drie schietgaten (schartes). |
| FA bunker | Feldmassige Ausbau, dit betreft de bouwsterkte van de bunker, FA bunkers waren gebouwd uit hout, bakstenen, zandzakken of betonplaten en boden enkel bescherming tegen kogels en (bom)scherven. |
| Festung | Een combinatie van meerdere Widerstandsnesten en Stutzpunkte, geheel omringt door een een linie om een vijandelijke aanval af te weren. Gedacht kan worden aan tankversperringen zoals: tankgrachten, tankmuren draketanden of spoorstaven. Deze linie werd verdedigd door infanterie met mitrailleurs , vlammenwerpers en mortieren. Een Festung was gecreeerd op locaties van zeer grote strategische waarde, bijvoorbeeld belangerijke havens, en de vaarwegen naar belangerijke haven. Een Festung diende tot de laatste man verdedigd te worden. |
| Flak | Flug of Fliegerabwehrkanone, Luchtafweergeschut. |
| Freie kuste | De kustlijn tussen diverse Stutzpunktgruppen, Verteidigungsbereiche and Festungen waar diverse widerstandsnesten gebouwd zijn om deze tussenliggende kustlijn te verdedigen. |
| Freya radar | Freya is de naam van een Duits radarsysteem dat aan het eind van de jaren '30 werd ontwikkeld en tijdens de Tweede Wereldoorlog werd ingezet. Het was genoemd naar de Germaanse godin Freya. Het Freya systeem was veel geavanceerder dan Chain Home. Het werkte met een frequentie van 250 MHz, tien keer hoger dan het systeem van de Britten (een golflengte van 1,2 meter tegen 12 meter voor Chain Home). Hierdoor was de resolutie van Freya veel beter dan van Chain Home, terwijl het systeem tevens veel kleiner was en zelfs mobiel werd gemaakt, wat met Chain Home volstrekt onmogelijk was. Het had echter ook nadelen ten opzichte van Chain Home: zo was het bereik minder (slechts ca. 160 kilometer), en was het systeem niet in staat om nauwkeurig hoogtes te bepalen. |
| Gallerij | Gang in het voorste gedeelte van een bunker, hieraanvast zaten verschillende kamers, voor bijvoorbeeld opslag van munitie. |
| Gasdeur | Gasdichte deur welke werd gebruikt om giftige strijdgassen buiten de bunker te houden. Aan de randen van de deur werd met behulp van een knevel een rubberen strip geplaatst wat de deur gasdicht maakte. Een gasdichte deur was te herkennen aan de rode ring welke op de deur stond. |
| Gasfilterinstallatie | Alle ST bunkers waren uitgerust met een frisse luchttoevoerinstallatie. Om ten tijde van een aanval met strijdgassen toch frisse lucht in de bunker te krijgen kon de lucht via de luchttoevoerbuizen eerste gefilterd worden door een (handmatige) luchtfilterinstallatie, welke doormiddel van koolstof de lucht zuiverde van strijdgassen. Gang in het voorste gedeelte van een bunker, hieraanvast zaten verschillende kamers, voor bijvoorbeeld opslag van munitie. |
| Gassluis | Veel van de ST bunkers zijn uitgevoerd met een gassluis. Deze sluis had als doel het voorkomen van gifige strijdgassen in de bunker te laten komen tijdens een aanval. Het principe is als volgt: In de bunker was dmv een luchtregelsysteem overdruk gecreerd (net als in een vliegtuig). Tijdens een gasaanval wilde een soldaat die buiten was de bunker ingaan, om de overdruk in de bunker te behouden en de strijdgassen niet direct in de bunker te laten komen kwam de soldaat eerst in de gassluis. De gassluis was afgesloten van de rest van de bunker met een gasdeur. De soldaat moest zodra hij binnen was de ingangsdeur van de bunker sluiten, zich ontdoen van zijn kleren en met speciale gasontsmettingsmiddelen zich van het strijdgas ontdoen. Doormiddel van een luchtzuiveringsinstallatie in de gassluis werden de gassen uit de gassluis gezogen en overdruk gecreeerd, als dit alles gedaan was kon de gasdeur naar de bunker geopend worden en kon de soldaat de bunker betreden zonder dat hij gevaarlijke strijdgassen mee naar binnen nam en zonder dat de overdruk wegviel. |
| Gittertur | Traliedeur die vaak bij de ingangen van bunkers gebruikt werd.. |
| Heer | Duitse woord voor Landmacht. |
| Hocker | Betonnnen tankhindernissen , in het nederlands ook wel drakentanden genoemd. |
| Ingangsverdediging | Een schietgat met pantserplaat welke op de ingang van de bunker gericht was. Men kon dan vanuit de bunker het vuur openen op evt indringers. Het schietgat kon (gasdicht) worden afgesloten door middel van een ijzeren schuif. |
| Kernwerk | Een vesting binnen een vesting is eigenlijk de beste omschrijving voor dit typische duitse ontwerp in de vestingbouw. Een kernwerk moest voldoen aan volgende eisen: Een rondomverdediging tegen aanvallen van infanterie en tanks vanuit bomvrije (ST) bunkers, Een bomvrij hospitaal en Hoofdkwartier, Voorzieningen om lang stand te kunnen houden in geval van omsingeling, gedacht kan hierbij worden aan grote voorraden water, voedsel en munitie, Artilleriebunkers voor de landmacht (Heer), Geschutsbunkers van de marine om schepen op zee te beschieten. |
| KSS | Kabelschaltstelle, kleine bunker waarin diverse telefoonlijnen bij elkaar kwamen. De duitsers hadden hun eigen telefoonnetaangelegd omdat het Nederlandse telefoonnet te kwetsbaar was. |
| Kuver bunker | Kuver staat voor: Kusten Verteidigungsbunker, dit type bunker is door de Luftwaffe alleen in Nederland gebouwd, met name in deomgeving van vliegvelden. De bunkers waren in verschillende gestandariseerde modellen uitgevoerd voor diverse taken en doelen, net als de ST bunbkers. |
| Latrine | Toilet. |
| Leitstand | Vuurleidingsbunker, vaak gelegen in de eerste duinenrij, met uitzichtt op zee. Vaak was in of op deze bunkers een afstandsmeter geplaatst |
| Luftwaffe | Duitse Luchtmacht. |
| M.G | Machinegeweer. |
| M.K.B. | Marine Kuste Batterie, geschutsbatterij van de marine. |
| Markostand | Marine Kommando stand. |
| Nabijverdediging | Schietgat om de directe omgeving van de ingangszijde van de bunker te kunnen verdedigen. |
| Nooduitgang | Bunkers welke slechts 1 ingang hadden waren om veiligheidsredenen standaard uitgerust met een nooduitgang. De nooduitgang was een gat in de bunkermuur van ongeveer 60 bij 80 cm aan het eind van dit gat zat een halfronde koker die net zo hoog was als de bunker. In de koker bevonden zich klimijzers waardoor men naar het dak van de bunker kon klimmen. De nooduitgang kon worden afgesloten met een gasdichte deur, achter deze deur zaten houten of ijzeren balken of een gemetseld muurtje. De koker zelf was volgestort met grind waardoor het onmogelijk was om van buiten uit via de nooduitgang in de bunker te komen. Als de ingang van de bunker om wat voor reden dan ook geblokkeerd was kon men de balken of het gemetselde muurtje verwijderen waardoor het grind door de zwaartekracht in de bunker stroomde, met een beetje graven kon men dan via de nooduitgang de bunker verlaten. |
| Openbedding | Een gemetselde of van beton gegoten geschutsopstelling zonder dak, waarin een stuk geschut geplaatst was. |
| Pantherstellung | Deze verdedgingslinie liep vanaf Amersfoort naar Veenendaal en week deels uit naar Nijkerk en Hoevelaken. De reden van deze verdedigingslinie was dat de Duitsers wilden voorkomen dat de gealieerden voorbij het Ijselmeer konden komne. De reden hiervan was dat ten westen van deze linie de V2 raket installaties zich bevonden die London bestookten met de raketten. Ook moest voorkomen worden dat de aanvoerroute van de V2 raketten afgesneden werd door de gealieerden. In totaal bestond de linie uit ongeveer 25 geschutsbunkers van het type 703 (Schartenstand fur 8.8 cm Pak 43). |
| Pantserdeur | Om de ingang van de bunker af te sluiten en te beschermen tegen explosies werd er een pantserdeur in de ingang geplaatst. Deze deur ging altijd naar buiten toe open, dit om te voorkomen dat de deur door de kracht van een explosie “open gedrukt” zou worden. De deur was gemaakt uit twee delen. Dit voor het geval er puin voor de deur lag waardoor het onderste deel geblokkeerd was, dan kon men in ieder geval het bovenste deel nog openen. Deze pantserdeuren waren tevens ook gasdicht. |
| Periscoop | Om de omgeving van de bunker te kunnen observeren waren veel bunkers uitgerust met een periscoop (Sehrohr), deze kon door een speciale uitsparing in het beton doorgevoerd worden. Als deze niet gebruikt werd kon deze doorvooer afgesloten worden. |
| Remise | Garage voor geschut. |
| Sanitatsunterstand | Bunker voor behandeling van gewonden en/of gasbesmette personen. |
| Scharte | Schietgat, varierend van schietgat voor een geweer als voor een groot stuk geschut. |
| Scherfmuur | De scherfmuur die vaak aan de zijkant van de bunker liep had twee fucnties, de eerste het beschermen van de ingang tegen scherven en/of kogels. En ten tweede ervoor zorgen dat de loopgraaf die naar de ingang van de bunker liep niet vol zand zou komen. |
| Scherfvrij | Bood bescherming tegen mitrailleurvuur en/of bom of granaatscherven. Boodt echter geen bescherming tegen bommen. |
| Schijnvliegveld | Om de geallieerden te misleiden werden in de omgeving van vliegvelden zogenaamde schijnvliegvelden aangelegd. Dit om verwarring te veroorzaken onder de piloten die als doel hadden de vliegvelden te bombarderen. De schijnvliegvelden werden geprepareerd met houten platen of graszoden als landingsbaan, ook werden er nep hangars en barakken geplaats, zelfs houten vliegtuigen werden gebouwd om de geallieerden maar op het verkeerde been te zetten. |
| Sechsschartenturm | Pantserstalen geschutskoepel met zes schietgaten. |
| Arthur Seyss Inquart | Rijkscommisaris van Nederland tijdens de Bezetting door de Duitsers |
| Sokkel | Betonnen of ijzeren ondergrond om een stuk geschut of een afstandsmeter op te plaatsen. |
| Sondern Bau | Een niet standaard ontwerp, het betreft hier eigenlijk geen bunker maar een ontwerp zonder dak die speciaal gebouwd en ontworpen was voor deze locatie en functie. |
| Standig (ST) | Een bunker gebouwd uit met staalijzer versterkt beton. De bunker was bestand tegen zware vliegtuigbommen van 500 kilo en granaten van 22 centimeter. De muur en dak dikte was varierend tussen de 2 en 3.5 meter. Baustarke A = 3.5 mtr dik dak en muren en Baustarke B 2 mtr dik dak en muren. Bij de ingang van de bunker werd doormiddel van een ST-sign aangegeven dat de bunker bomvrij was, hierdoor wisten de soldaten tijdens een aanval dat ze veilg waren. |
| Stutzpunkt (Stp) | Een stutzpunkt bestaat uit meerdere Widerstandsnester, uitgerust met lichte en zwaardere wapens. |
| Stutzpunktgruppe (Stp. Gr.) | Een combinatie van meerdere Widerstandsnesten en Stutzpunkte, geheel omringt door een een linie om een vijandelijke aanval af te weren. Gedacht kan worden aan tankversperringen zoals: tankgrachten, tankmuren draketanden of spoorstaven. Deze linie werd verdedigd door infanterie met mitrailleurs , vlammenwerpers en mortieren. Stutzpunktgruppen waren gecreerd op locaties van minder grote strategische waarde, bijvoorbeeld kleinere havens, bruggen, kustbatterijen en vliegvelden. |
| Tankgracht | Een gracht met stijle kanten en behoorlijke diepte waardoor het onmogelijk was om met een tank de gracht te passeren. Soms werden bestaande sloten en kanalen aangeppast tot tankgracht en soms werden de grachten speciaal gegraven. |
| Tankmuur | Een dikke stijle betonnen muur van ongeveer 3 meter hoog en 1 meter dik welke geallieerde tanks en voertuigen tegen moesten houden. Een tankmuur werd gebouwd waar het niet mogelijk was om een tankgracht of andere tankversperringen te plaatsen. |
| Typenummer | Voor allerhande functies waren verschillende types bunkers ontworpen. Het bunkernummer geeft aan wat voor soort bunker het betreft, het nummer werd bijna altijd bij de ingang van de bunker op de muur geschilderd. Ook werd dit nummer in de kaarten vermeld. |
| Tobruk | |
| Verteidigungsbereich | In principe eenzelfde opbouw structuur als een Stutzpunktgruppe, maar hier betrof het de verdedigng van strategisch belangerijke locaties zoals de vaarwegen naar belangerijke havens. |
| VF bunker | Verstarkt Feldmassige bunker. Dit type bunker met muren en dak van 1 meter beton of meer boden bescherming tegen treffers van granten tot 10.5 cm en tegen bommen van 50 kilo. De bunker werd in tegenstelling tot de ST bunkers niet uitgevoerd met stalen pantser of gasdeuren. |
| Walzkorpersperre | Bij een doorgang in de tankmuur was soms een zogenaamde walzkorpersperre geplaatst. Dit is zijn 1 of 2 langwerpige betonnen kantelblokken welke doormiddel van een lier voor de doorgang gekanteld kon worden. In de gehele Atlantikwall resteren er vandaag de dag nog twee stuks. Een in Ijmuiden en een in Zandvoort. |
| Wasserbehalter | Wateropslagbunker |
| Widerstandsnest (W.N) | De kleinste zelfstandige infanteriesteunpunten, voorzien van loopgraven en prikkeldraad. Uitgerust met enkel lichte wapens. |
| Wurzburg (Riese) radar | Würzburg-Riesen is een radar type die de duitsers gebruikten voor het volgen van vijandelijke toestellen. Dat wil zeggen dat de antenne niet ronddraait, maar een eenmaal gedetecteerd doel continu volgt. De radar werd gebruikt om vijandelijke vliegtuigen te volgen zodat de eigen jagers ze konden onderscheppen of ze beschoten konden worden met luchtdoel geschut (Flak). De Würzburg gebruikte een bestuurbare schotelantenne, en werkte op een frequentie van 560 MHz, een voor die tijd fenomenaal hoge frequentie. De Duitsers spendeerden veel tijd aan het ontwerp en hadden zo een erg goede radar ontwikkeld waarbij elke mogelijke vorm van frequentieverschuiving vermeden werd. Daar de Würzburg radar een schotelantenne had was deze slechts gevoelig in één bundel. Hierdoor was de radar niet geschikt als zoekradar, maar wegens zijn grote nauwkeurigheid des te meer als volgradar. Een typische fout bij een Würzburg was 30 tot 40 meter. De detectie van vliegtuigen werd dan ook afgehandeld door de Freya radar, die de richting en afstand bepaalde. Na de detectie gaf de Freya de volgtaak over aan de Würzburg die op zijn beurt de gegevens via een analoge computer (Kommandogerät) doorgaf aan een luchtdoelkanon (Flak). Nadelen waren er ook: een Würzburg kon slechts één vijandelijk vliegtuig tegelijk in de gaten houden, wat in een aanval door een heel squadron niet erg effectief was. Bovendien was het bereik zeer beperkt, slechts ongeveer 30 kilometer. De Wurzburg-Riese ( Reuze radar ) had een bereik van ongeveer 70 kilometer. |